Alpraz Comp 14x1,0mg
Op voorschrift
Geneesmiddel

Alpraz Comp 14x1,0mg

  € 5,21

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 5,21 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 5,21 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 5,21
Op bestelling

Specifieke patiëntgroepen De doeltreffendheid en de veiligheid van Alpraz werd niet onderzocht bij patiënten jonger dan 18 jaar. Bijgevolg is het gebruik van alprazolam niet aanbevolen bij deze patiënten. Bij de patiënten met een gestoorde nier- of leverfunctie, moeten de gebruikelijke voorzorgen in acht worden genomen. Bij geriatrische of verzwakte patiënten wordt best de minimale efficiënte dosis gebruikt, om het eventuele optreden van ataxie of overmatige sedatie te voorkomen. Een strikt toezicht is aangewezen bij toediening van benzodiazepines aan patiënten die een neiging vertonen tot overmatig gebruik van geneesmiddelen of alcohol, gezien hun predispositie tot gewenning en afhankelijkheid (zie rubriek 4.5. Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie). Risico van gelijktijdig gebruik van opioïden: Gelijktijdig gebruik van Alpraz en opioïden kan resulteren in sedatie, ademhalingsdepressie, coma en de dood. Omwille van deze risico's, moet het gelijktijdig voorschrijven van kalmerende geneesmiddelen zoals benzodiazepines en gerelateerde geneesmiddelen zoals Alpraz met opioïden voorbehouden worden aan patiënten voor wie alternatieve behandelingsopties niet mogelijk zijn. Wanneer een beslissing wordt gemaakt om Alpraz gelijktijdig voor te schrijven met opioïden, moet de laagst effectieve dosis worden gebruikt, en moet de behandelingsduur zo kort als mogelijk zijn (zie eveneens algemene dosisaanbeveling in rubriek 4.2). De patiënten moeten van nabij opgevolgd worden voor tekenen en symptomen van ademhalingsdepressie en sedatie. In dit opzicht, is het sterk aanbevolen om de patiënten en hun hulpverleners (waar van toepassing) te informeren om zich bewust te zijn van deze symptomen (zie rubriek 4.5). Bij patiënten die lijden aan een majeure depressie of een angst gelieerd aan een depressie, mogen benzodiazepines en aanverwanten niet alleen worden gebruikt om de depressie te behandelen, aangezien deze het risico op zelfmoord kunnen bespoedigen of verhogen. Bijgevolg moet alprazolam voorzichtig worden gebruikt en moet de voorgeschreven hoeveelheid beperkt worden bij patiënten die tekenen en symptomen vertonen van depressie of van suïcidale neigingen. Bijzondere voorzorgen bij patiënten die worden behandeld voor paniekstoornissen Paniekaanvallen of verwante toestanden werden in verband gebracht met primaire ofsecundaire majeure depressiebij niet-behandelde patiënten en met een toename van het aantal suïcides. Daarom moeten dezelfde voorzorgsmaatregelen worden genomen als bij het gebruik van andere psychotrope middelen bij de behandeling van depressieve patiënten of bij patiënten bij wie verborgen suïcidale gedachten worden vermoed. Ouderen Benzodiazipines en zijn derivaten dienen met voorzichtigheid te worden gebruikt bij ouderen. Dit omwille van het risico op sedatie en/of musculoskeletale zwakte die de kans op vallen kunnen vergroten, wat vaak gepaard gaat met ernstige gevolgen bij deze populatie.

Tolerantie Na herhaaldelijk gebruik, gedurende meerdere weken, kan een zeker verlies van efficiëntie van het hypnotisch effect van benzodiazepines optreden. Afhankelijkheid Het gebruik van benzodiazepines, waaronder alprazolam, kan leiden tot gewenning en psychische/lichamelijke afhankelijkheid. Dit risico op afhankelijkheid verhoogt in functie van de dosis en de duur van behandeling ; het risico is ook verhoogd bij patiënten met antecedenten van alcohol- of geneesmiddelenverslaving. Een afhankelijkheid aan geneesmiddelen kan optreden bij therapeutische dosissen en/of bij patiënten zonder bijzondere risicofactor. Er is een verhoogd risico op afhankelijkheid aan geneesmiddelen bij gecombineerd gebruik van meerdere benzodiazepines, los van de anxiolytische of hypnotische indicatie. Er zijn ook gevallen van overmatig gebruik gesignaleerd. Eenmaal fysieke afhankelijkheid is bereikt, gaat een bruuske stopzetting van de behandeling gepaard met ontwenningsverschijnselen. Deze kunnen zich manifesteren als hoofdpijn, spierpijn, extreme angst, gespannenheid, agitatie, verwarring en geprikkeldheid. In ernstige gevallen kunnen volgende effecten optreden: derealisatie, depersonalisatie, verhoogde gehoorscherpte, gevoelloosheid en tintelingen in de extremiteiten, overgevoeligheid voor licht, geluid en fysisch contact, hallucinaties of epilepsieaanvallen. De dosis moet bijgevolg geleidelijk worden verlaagd (zie rubriek "Posologie en gebruiksaanwijzing"), vooral bij epileptische patiënten. Als de behandeling wordt stopgezet bij panische patiënten lijken de rebound-symptomen vaak erg op de ontwenningsverschijnselen. Slapeloosheid en terugkeer van angst: bij stopzetting van de behandeling kan een tijdelijk syndroom optreden waarin de symptomen, die tot behandeling met een benzodiazepine hebben geleid, erger dan voorheen heropflakkeren. Dat kan gepaard gaan met andere reacties zoals stemmingswisselingen, angst of slaapstoornissen en agitatie. Aangezien het risico op ontwenningsverschijnselen/een rebound-effect groter is bij bruuske stopzetting van de behandeling, moet de dosering geleidelijk worden afgebouwd. Duur van de behandeling De duur van de behandeling moet zo kort mogelijk zijn (zie dosering), in functie van de indicatie, maar mag niet langer zijn dan 4 tot 8 weken voor de behandeling van slapeloosheid en 8 tot 12 weken (afbouwperiode inbegrepen) voor de behandeling van angst. Deze behandelingsduren mogen niet worden verhoogd zonder voorafgaande herevaluatie van de toestand. Het kan nuttig zijn om de patiënt bij het begin van de behandeling te vertellen dat de behandeling van beperkte duur is en duidelijk te maken dat de dosering geleidelijk zal worden verlaagd. Het is belangrijk dat de patiënt zich bewust is van mogelijke rebound-verschijnselen, dit om de angst tijdens het eventuele optreden van deze verschijnselen gedurende de afbouw zoveel mogelijk te beperken. Er is beschreven dat er bij benzodiazepines met korte werkingsduur ontwenningsverschijnselen kunnen optreden binnen het doseringsinterval, vooral bij hoge dosering. Bij gebruik van een benzodiazepine met lange werkingsduur is het belangrijk te weten dat er ontwenningsverschijnselen kunnen optreden bij omschakeling naar een benzodiazepine met korte werkingsduur. In talrijke gevallen beantwoordt de toediening van benzodiazepines aan een occasionele of voorbijgaande behoefte en zal de behandeling dus van korte duur zijn.

In sommige gevallen noopt de gezondheidstoestand van de patiënt tot een langere behandeling. Een langdurige behandeling met benzodiazepines vergt in elk individueel geval een periodieke reëvaluatie door de arts. Psychische en paradoxale reacties Nervositeit, agitatie, irritabiliteit, waan, prikkelbaarheid, agressie, hallucinaties, woede, nachtmerries, psychose, ongepast gedrag en andere gedragstoornissen kunnen optreden bij gebruik van benzodiazepines (zie rubriek "Bijwerkingen"). Indien dit gebeurt, dient de behandeling stopgezet te worden. Dit komt eerder voor bij kinderen en bejaarden. De nodige voorzorgsmaatregelen moeten worden genomen bij patiënten met een gesloten hoek glaucoom. Amnesie Benzodiazepines kunnen een anterograde amnesie veroorzaken. Dit treedt meestal uren na inname van het product op. Om het risico zoveel mogelijk te beperken, moeten de patiënten zich vergewissen van 7-8 uur ononderbroken slaap. Aangezien Alpraz lactose bevat, is dit geneesmiddel tegenaangewezen bij patiënten met een galactose�intolerantie, een Lapp lactase deficiëntie of een syndroom van glucose- en galactose-malabsorptie (zeldzame erfelijke aandoeningen).

  • Angst
  • Paniekstoornis met of zonder agorafobie
  • De werkzame stof in dit middel is alprazolam.

  • De andere stoffen in dit middel zijn lactose monohydraat–maïszetmeel – gelatine – magnesiumstearaat.

Neemt u naast Alpraz nog andere geneesmiddelen in, heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat innemen ? Vertel dat dan uw arts of apotheker.

De volgende geneesmiddelen kunnen het effect van Alpraz verhogen:

 psychotrope geneesmiddelen;  geneesmiddelen tegen stuipen;  anti-allergica;  geneesmiddelen tegen schimmels (ketoconazol, itraconazol, posaconazol, voriconazol of andere fungiciden van het azoltype);  antidepressiva (sertraline, fluvoxamine, fluoxetine, nefozadone);  anxiolytica ;  sedativa ;  maagzuurremmers (cimetidine);  morfineachtige pijnstillers (propoxyfen);  orale contraceptiva;  antihypertensiva (diltiazem);  antibiotica (erytromycine, claritromycine en telitromycine);  antivirale middelen tegen HIV (ritonavir);  geneesmiddelen tegen gastro-intestinale motiliteitsstoornissen (cisapride);  anti-epileptica (valproïnezuur), deze verhogen het risico op psychose.  anti-astmatica (theofylline), deze verzwakken de werking van Alpraz.  antidepressiva (imipramine, desipramine),Alpraz verhoogt hun concentratie.

Gelijktijdig gebruik van Alpraz en opioïden (sterke pijnstillers, geneesmiddelen voor substitutietherapie en sommige hoestmiddelen) verhoogt het risico op sufheid, ademhalingsmoeilijkheden (ademhalingsdepressie), coma en kan levensbedreigend zijn. Daarom, moet gelijktijdig gebruik enkel overwogen worden wanneer andere behandelingsopties niet mogelijk zijn.

Echter, als uw arts Alpraz samen met opioïden voorschrijft, moet de dosis en de duur van de gelijktijdige behandeling gelimiteerd worden door uw arts.

Gelieve uw arts te informeren over alle opioïde geneesmiddelen die u neemt, en de dosisaanbeveling van uw arts strict te volgen. Het kan nuttig zijn uw vrienden of naasten te informeren om zich bewust te zijn van de bovenstaande tekenen en symptomen. Contacteer uw arts wanneer u dergelijke symptomen ervaart.

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

Voor de evaluatie van de bijwerkingen gelden de volgende conventies inzake frequentie :

Zeer vaak: treft meer dan 1 gebruiker op 10 Vaak: treft 1 tot 10 gebruikers op 100 Soms: treft 1 tot 10 gebruikers op 1000 Zelden: treft 1 tot 10 gebruikers op 10000 Zeer zelden: treft minder dan 1 gebruiker op 10000 Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

Bloed- en lymfestelselaandoeningen

Zelden: verdwijning van de neutrofiele polynucleaire bloedcellen (een van de witte bloedcellijnen) (agranulocytose).

Immuunsysteemaandoeningen

Zelden: allergische reacties of anafylaxie.

Endocriene aandoeningen

Soms: te veel prolactine in het bloed (hyperprolactinemie).

Voedings- en stofwisselingsstoornissen

Vaak: anorexie, verlies van eetlust.

Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen

Vaak: vermoeidheid, irritabiliteit Niet bekend: perifeer oedeem

Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen

Soms: spiervermoeidheid

Zenuwstelselaandoeningen

Zeer vaak: sedatie, slaperigheid en een ijl hoofd of duizeligheid

Vaak: coördinatiestoornis van de vrijwillige bewegingen, spraakstoornissen, hoofdpijn, geheugenstoornissen, concentratiestoornissen, coördinatiestoornissen, duizelingen en autonome verschijnselen.

Soms: onvrijwillige spiercontracties (dystonie), tremor, amnesie

Zelden: epilepsie

Niet bekend: motorische stoornissen

Andere effecten van benzodiazepines op het zenuwstelsel :

Paradoxale reacties zoals prikkelbaarheid, stimulatie, woede, agressief of vijandig gedrag, verhoogde agitatie, nervositeit, angst of slapeloosheid. In vele gevallen gebruikten de patiënten ook andere geneesmiddelen met een centrale werking en/of hadden ze een onderliggende psychiatrische stoornis. Occasioneel werd de hypothese geopperd dat patiënten met een borderline persoonlijkheidsstoornis,patiënten met antecedenten van gedrag, patiënten met een overmatig gebruik van alcohol of geneesmiddelenof patiënten met stress als gevolg van een trauma, meer risico lopen om deze bijwerkingen te vertonen.

Psychische stoornissen

Vaak: depressie, verwardheid.

Soms: tekenen van paranoïa, depersonalisatie, hallucinaties, woede, agressief en vijandig gedrag, angst, agitatie, verandering van het libido, slapeloosheid, denkstoornissen, nervositeit en stimulatie.

Onderzoeken

Soms: gewichtsveranderingen, verhoging van de intra-oculaire druk.

Oogaandoeningen

Vaak: gezichtsstoornis

Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen

Zelden: ademhalingsdepressie bij patiënten met aspecifieke chronische luchtwegenaandoeningen.

Maagdarmstelselaandoeningen

Vaak: constipatie, misselijkheid

Soms: braken

Lever- en galaandoeningen

Soms: abonormale leverfunctie, geelkleuring van de huid (icterus).

Zelden: verminderde of afwezige galsecretie (cholestase).

Niet bekend: hepatitis

Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen

Soms: seksuele dysfunctie, sporadische menstruatie- en ovulatiestoornissen, borsthypertrofie bij de man (gynecomastie)

Nier- en urinewegaandoeningen

Soms: incontinentie of urineretentie.

Huid- en onderhuidaandoeningen

Soms : dermatitis

Niet bekend: ernstige allergische reactie die zwelling van het gezicht of de keel veroorzaakt.

Bij behandeling met hoge dosissen, zoals gewoonlijk het geval is bij paniekstoornissen, werden volgende bijwerkingen vaker waargenomen dan met een placebo : sedatie, slaperigheid, vermoeidheid, coördinatiestoornissen, spraakstoornissen. Volgende bijwerkingen werden minder vaak waargenomen: stemmingswisselingen, maagdarmsymptomen, dermatitis, geheugenstoornissen, seksuele dysfunctie, cognitieve stoornissen en verwardheid.

ANDERE EFFECTEN VAN HET GEBRUIK VAN BENZODIAZEPINES

 Psychische en fysieke afhankelijkheid;

 Ontwenningsverschijnselen:

Als er zich een fysieke afhankelijkheid heeft ontwikkeld, kan een bruuske stopzetting van de behandeling gepaard gaan met ontwenningsverschijnselen. Deze kunnen variëren van hoofdpijn, spierpijn, extreme angst, gespannenheid, agitatie, verwardheid en geprikkeldheid tot een derealisatie, een depersonalisatie, verhoogde gehoorscherpte, stijfheid en tintelingen in de extremiteiten, overgevoeligheid voor licht, geluid en fysiek contact; hallucinaties of epilepsieaanvallen.

Bij stopzetting van de behandeling kunnen rebound-verschijnselen zoals slapeloosheid en angst optreden, en mogelijk ook stemmingswisselingen, angst, slaapstoornissen en agitatie. Een overmatig gebruik van benzodiazepines werd vastgesteld.

Vooral bij patiënten die een lange behandeling met een hoge dosis hebben gevolgd, worden eerder ernstige symptomen waargenomen. Deze ontwenningssymptomen werden ook waargenomen bij een snelle reductie van de dosis of bij een bruuske stopzetting van de behandeling. Het is dan ook aangewezen om de dosis geleidelijk te verlagen bij stopzetting van de behandeling. Zo mag de dagelijkse dosis Alpraz tabletten niet sneller dan 0,5 mg om de drie dagen worden verlaagd. Bij bepaalde patiënten is een nog langzamere reductie van de dosis aangewezen (zie ook de rubriek "Hoe worden Alpraz 0,5 mg/1 mg tabletten ingenomen").

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het nationale meldsysteem. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken:

  • als u allergisch bent voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek

6.;

  • als u een ernstige spierzwakte heeft (myasthenia gravis);

  • als u ademhalingsstoornissen heeft;

  • als u slaapapnoe heeft;

  • als u leverproblemen heeft;

  • bij kinderen jonger dan 6 jaar.

De veiligheid en de doeltreffendheid van het product werd niet onderzocht bij patiënten jonger dan achttien

jaar.

Zwangerschap : Een groot aantal gegevens, gebaseerd op cohortstudies,tonen aan dat blootstelling aan benzodiazepines tijdens het eerste trimester niet gepaard gaat met een verhoogd risico op grote misvormingen. Sommige epidemiologische studies wezen evenwel op een verhoogd risico op een gespleten lip/gehemelte. Het risico op een gespleten lip na maternele blootstelling aan benzodiazepines zou volgens deze gegevens lager zijn dan 2/1000 vergeleken met ongeveer 1/1000 in de algemene bevolking. Behandeling met hooggedoseerde benzodiazepines in het tweede en/of derde trimester van de zwangerschap, toonde bij de foetus een vermindering van actieve bewegingen en een variabel hartritme aan. Wanneer alprazolam wordt voorgeschreven bij een vrouw in de vruchtbare periode, moet ze gewaarschuwd worden haar arts te contacteren indien ze wenst zwanger te worden of indien ze zwanger is, zodat de arts de beslissing kan nemen de behandeling stop te zetten. Wanneer het product,omwille van medisch belang, wordt toegediend gedurende de laatste fase van de zwangerschap of gedurende de bevalling, kan bij de pasgeborene het floppy infant syndroom optreden datgekenmerkt wordt door hypothermie, hypotonie, zuigstoornissen (die gewichtsafname kunnen veroorzaken) en ademhalingsdepressie of apneu (bij hoge dosissen). Deze tekenen zijn reversibelmaar kunnen 1 tot 3 weken duren, in functie van de halfwaardetijd van het product. Overigens werden enkele dagen na de geboorte symptomen van neonatale ontwenning waargenomen zoals hyperopgewondenheid, agitatie en tremor, dit zelfs in afwezigheid van het floppy infant syndroom. Het optreden van ontwenningsverschijnselen na de geboorte hangt af van de halfwaardetijd van het geneesmiddel. Toediening van benzodiazepines tijdens de zwangerschap (al dan niet bevestigd) en tijdens de borstvoeding is niet aanbevolen. In het licht van deze gegevens kan het gebruik van alprazolam tijdens de zwangerschap evenwel worden overwogen mits de therapeutische indicaties en de dosering strikt worden nageleefd. Als de behandeling noodzakelijk is tijdens het laatste trimester van de zwangerschap, moeten hoge dosissen worden vermeden en moeten de ontwenningsverschijnselen en/of het floppy infant syndroom bij de pasgeborene worden gemonitord. Borstvoeding : Benzodiazepines gaan door de foeto-placentaire barrière en worden in de moedermelk uitgescheiden. Alprazolam wordt niet aanbevolen tijdens de borstvoeding.

Volwassenen

  • Begindosering: 0,25 tot 0,5 mg, 3 x /dag
  • Max. 4 mg /dag
  • Begindosering: 0,5 tot 1 mg voor het slapengaan
  • Indien nodig, verhogen met max. 1 mg om de 3 - 4 dagen
  • Indien nodig, toedieningen spreiden tot 3 - 4 x/dag

Toedieningswijze

  • Het tablet kan verdeeld worden in gelijke helften
CNK 1118173
Organisaties Cophana, SMB Laboratoire
Merken Smb
Breedte 43 mm
Lengte 88 mm
Diepte 17 mm
Hoeveelheid verpakking 14
Actieve ingrediënten alprazolam
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)